|
HEUPDYSPLASIE BIJ
SHELTIES
Heupdysplasie, waarover ogenschijnlijk het eerst werd
gesproken in 1935, is zeker niet een nieuwe ziekte. Er zijn veel fokkers,
die van mening zijn dat deze ziekte alleen bij grotere rassen - zoals de
Duitse Herder, de Sint Bernard en de Golden Retriever - voorkomt. Eigenlijk
kan deze aandoening ook Shelties treffen.
Pas in 1966, toen men overal meer gebruik van het röntgenapparaat ging maken
voor het stellen van de diagnose van HD, begon de zaak meer duidelijkheid te
krijgen. HD is een erg complexe aandoening. Zoals het dikwijls gaat bij een
onderzoek: de meningen wat betreft de oorzaak en de diagnose zijn zeer
verdeeld. Algemeen wordt aangenomen, dat HD niet enkel een millieufactor is,
maar dat de oorzaak een genetische is. Het fokken met honden waarvan de
heupen zijn onderzocht bij de bevoegde instanties - met een afgegeven
Certificaat van onderzoek en resultaat - is de enige weg waarop men met
zekerheid dit probleem kan vermijden. Misschien kan dan op de duur de
aandoening uitgebannen worden.

Het dier dat is aangedaan door HD heeft heupen waarvan
kop en kom heel slecht in elkaar passen, waardoor het gangwerk niet normaal
is en waardoor het dier in de meeste gevallen in meer of mindere mate pijn
heeft. Men heeft opgemerkt, dat door de pijn het karakter minder prettig kan
worden.
De aandoening begint al in het stadium voor de geboorte. Als de spieren, de
zenuwen en de aansluiting van kop en kom niet goed worden gevormd, zou de
pup HD kunnen hebben. U kunt bij uw pups niet altijd duidelijk HD waarnemen,
maar soms kan het al op de leeftijd van drie maanden ontdekt worden. Als een
fokker zijn lijn door en door kent, zal hij in staat zijn vast te stellen of
zijn pups wel of niet zijn aangedaan. Als een fokker niet bekend is met de
medische geschiedenis van zijn honden, zou hij ze beter kunnen laten
röntgenen.
Veel honden met HD hebben voor de opmerkelijke waarnemer subtiele symptomen
van HD. Het feit, dat HD bij uw honden niet altijd duidelijk is waar te
nemen, is een uitstekend argument tegen het fokken met een teef of een reu
zodra zij daartoe lichamelijk in staat zijn. Als er gefokt wordt met een
teef als zij te jong is en als zij dan later HD blijkt te hebben, heeft ze
deze afwijkende vorm al aan haar nageslacht doorgegeven.
Een hond die HD heeft loopt waarschijnlijk anders dan een hond met normale
heupen. Soms gaat hij achter slingerend. Als de hond aan het spelen is of
van een stoel of een lage traptrede afspringt, kan hij soms zomaar mank gaan
lopen en dat is dan een andere aanwijzing, dat de hond HD heeft. Soms worden
de ogen van de hond donkerder van de pijn of hij kan het zelfs uitgillen als
er zoiets gebeurt.
Het onderzoek van een hond op HD is relatief pijnloos, maar de meeste
dierenartsen geven toch liever narcose om zo de meest duidelijke foto te
krijgen. De hond wordt geröntgend als hij op zijn rug ligt. De foto wordt
beoordeeld door de bevoegde instanties (in Nederland de Hirschfeld
Stichting) en daar wordt dan eventueel de graad van de afwijking
vastgesteld. Meestal wordt dit onderzoek pas gedaan als de hond twee jaar
oud is, ofschoon röntgenfoto's ook eerder kunnen worden genomen. Er zijn
veel dierenartsen, die precies kunnen uitleggen waarnaar gekeken wordt.
Bij sommige rassen wordt van tijd tot tijd een lijst van HD-vrije honden
gepubliceerd, waarbij de verantwoordelijkheid van de inlichtingen die de
fokker afgeeft bij genoemde fokker ligt.
De statistische gegevens van de bevoegde instanties in Amerika geven aan,
dat tot 1989 733 Shelties zijn onderzocht. 28,5 % Werd uitstekend bevonden,
61,1 % goed, 6 % licht aangedaan en slechts 1 % zwaar bezocht met HD. Bij
latere statistische onderzoeken veranderden deze percentages een beetje, met
881 onderzochte Shelties tot en met juli 1991 en slechts 50% in de goede
categorie. De statistieken laten ook zien, dat door de jaren heen bij
sommige rassen het aantal gevallen van HD minder is geworden, waarschijnlijk
door het selectieve fokken. Omdat de Sheltie tot de groep van Herdershonden
behoort, kan gezegd worden dat zelfs een klein percentage honden met HD
ongewenst is.
Uit “The Shetland Sheepdog Pedigree Book”,
door Karen Hostetter
Sheltie Shelter, juni 1995
Voor meer informatie over Heupdysplasie-onderzoek:
Raad van Beheer op Kynologisch Gebied in Nederland |