|
PUPPY HEAD GLAND DISEASE
Toen ik voor het eerst iets las over deze ziekte, dacht ik heus dat ik
in mijn kennel er niet mee te maken zou krijgen. Hoe spijtig, dat ik
toen zo dwaas was. Als u echter nog steeds fokt, heeft u een behoorlijke
kans dat u deze toestand eens mee zult maken.
Mijn hart stond stil, toen ik ontdekte dat ook ik met de ziekte te maken
kreeg. Eén van mijn pups uit een nest van vier liep de ziekte op. Jammer
genoeg hadden de eerste twee dierenartsen die ik raadpleegde tevoren
geen enkele ervaring met de ziekte gehad, zodat ze me geen goed advies
konden geven. Maar één van de dierenartscollega's was in dermatologie
gespecialiseerd. Toen hij de pup zag was de zaak hem onmiddellijk
duidelijk, zodat hij de nodige stappen kon nemen. Ik ben er nu van
overtuigd, dat hoe eerder de ziekte wordt herkend en behandeld, hoe
groter de kans is, dat de vreselijke symptomen in de hand worden
gehouden.

Als ik stel dat de symptomen van deze ziekte vreselijk
zijn, druk ik me nog gematigd uit. Ik ben al dertig jaar rechercheur en
ik heb alle mogelijke verminkte en half vergane lichamen van mensen
gezien, maar door de aanblik van deze verschrikkelijke ziekte werd ik
meer geraakt dan ooit door andere dingen mogelijk was geweest. Ik was er
zo bij betrokken, dat ik besloot de zaak verder te onderzoeken. Ik kwam
er al gauw achter, dat men nog geen diepgaand onderzoek had kunnen
verrichten en dat mijn verzoek om hulp bij de meeste instanties op
veterinair gebied aan dovemansoren was gericht.
Ik besloot toen te proberen in contact te komen met zo veel mogelijk
Sheltie fokkers als ik kon vinden en dan met elkaar zo veel als mogelijk
te bespreken. Ik was van mening, dat we het aan elkaar verplicht waren
over het probleem te discussiëren, zodat andere fokkers van Shelties
daaruit voordeel zouden kunnen trekken.
Hiervoor stelde ik een vragenlijst samen en zond die rond aan iedereen,
waarvan ik wist dat hij iets met de zaak te maken had gehad. Ik hoopte
op algehele medewerking, hoewel ik maar van zeer weinigen antwoord
kreeg. Hoewel ik de verzekering had gegeven, dat alles zeer
vertrouwelijk was, had dit geen effect van betekenis.
Van de ongeveer twintig antwoorden die ik ontving, werd wel duidelijk,
dat een groot gedeelte van de dierenartsen maar weinig ervaring met de
ziekte heeft en dat men daardoor niet in staat is het probleem te
herkennen en te weten hoe te handelen. De juiste naam voor deze ziekte
is Juvenile Cellulitis. Uit de voorgeschiedenis van de ziekte blijkt wel
dat over het algemeen puppies van de leeftijd van drie tot achttien
weken getroffen worden.
In de definities van dierenartsen staan woorden als subcutane
abcesvorming en slijmvliesulceratie, tezamen met lymphklierzwellingen,
die niet reageren op geneesmiddelen tegen bacteriën. Wat dit betekent
weet ik niet en zonder twijfel begrijpen de meeste lezers dit ook niet.
Het is duidelijk, dat het te maken heeft met het afweersysteem, maar het
zou voor mij geen zin hebben de feiten te beschrijven met woorden, die
we niet begrijpen.
Tussen de symptomen die een pup vertoont, schijnen wel enkele kleine
verschillen te bestaan, maar uiteindelijk is het resultaat wel
hetzelfde: De pup geneest wél over het algemeen en de vacht herstelt
zich in de meeste gevallen. ,
De symptomen zijn meestal:
-
De pup gedraagt zich timide en wil niet met zijn
nestgenootjes spelen.
-
De temperatuur is iets verhoogd.
-
De pup is duidelijk kreupel aan één of meerdere
pootjes.
-
Wondjes aan de oren of afscheiding uit de oren.
-
De oortjes zijn zeer duidelijk gezwollen.
-
De oogranden zijn kapot, wondjes aan het hoofd,
vooral aan de snuit. Het hoofd is in zijn geheel gezwollen of rondom
de ogen of de snuit in het bijzonder.
-
Bulten, die zich ontwikkelen tot open wonden, zijn
op elk deel van het lichaam te vinden. Meestal begint het in de
buurt van de nek en gaat dan verder naar verschillende delen van het
lichaam.
Alles
wat hierboven is genoemd kan tot de symptomen behoren in elke vorm of in
elke combinatie en de ernst van de toestand kan zeer variëren. Tenzij de
pup dagelijks goed worden nagekeken, kan de ziekte beginnen en een
tijdje verborgen blijven door de lange vacht van de pup.
Behandeling:
Ik zou helemaal in de fout gaan, als ik zou gaan vertellen, hoe uw pup
behandeld zou moeten worden. Maar ik kan wel zeggen, dat mijn eigen pup
weer helemaal gezond werd en volledig weer in zijn vacht kwam doordat
hij als volgt behandeld werd: (Hij is nu op de leeftijd van zes maanden
en leidt een normaal en gelukkig leven als huishond.) Eén keer een
injectie met Betamethasone, terwijl hij dagelijks Prednisolon en Synulox
in tabletvorm kreeg. Het is overduidelijk, dat de corticosteroïden de
ziekte een halt toeroepen en dat de Synulox een secondaire of een
bacteriële infectie moet voorkomen.
Bij degenen die mijn vragenlijst beantwoordden, waren er enkele, die
enig succes hadden met Homeopathie, maar omdat ik van dit onderwerp
weinig afweet, zal ik over deze bijzondere methode niet uitweiden.
U moet niet bang zijn om rondom de aangedane plekken de vacht weg te
knippen, het duurt niet lang of het haar groeit weer aan en het vormt
zodoende een barrière tegen secondaire infecties.
Met het schoonmaken van de huid moet u wel voorzichtig oefenen, ga niet
te ruw te werk en denk er steeds aan, dat u nog altijd met een baby te
doen hebt. U moet niet te veel water gebruiken en er voor zorgen, dat de
temperatuur aangenaam warm is.
Over het algemeen is het advies van de dierenartsen, dat
bij de therapie ook stelselmatig antibiotica in een dosis voor kinderen
moet worden gegeven. Omdat pups het ook moeilijk kunnen hebben met
ongedierte, slecht eten en hygiënische problemen, moeten ze veel
aandacht krijgen.
Er zijn geen duidelijke bewijzen, dat deze bijzondere ziekte in enig
opzicht besmettelijk zou zijn.
Erfelijkheid
Door gebrek aan informatie kon ik niet genoeg boven tafel brengen om
feiten vast te stellen door het gebruik van stambomen. Er is geen
relatie met kleur of de tijd van het jaar waarin de pups geboren zijn.
Wel hebben meer pups de infectie gekregen, die geboren waren uit teven
van vijf jaar oud dan die van andere moeders. Ik geloof niet, dat dit
erg belangrijk is omdat ik zo weinig gegevens heb, maar het is wel
interessant.
Hoewel ik het opzettelijk vermeden heb andere rassen erbij te betrekken
had ik toch contact met andere fokkers dan Sheltiefokkers. Het is
overduidelijk, dat sommige rassen veel meer van deze ziekte te lijden
hebben dan wij met de Shelties.
Conclusie
Het is zeer de moeite waard om vol te houden bij een pup, die deze
ziekte gekregen heeft. En verder, als u zo'n arm klein ding bekijkt, dat
er zo vreselijk uitziet vol met gaten en wonden over zijn hele lichaam
en als het hondje dan nog in staat is met zijn staartje te kwispelen en
u zo smekend aan te kijken - dan hebben we hier het antwoord op deze
noodlottige zaak.
Voordat ik mijn pogingen beëindig zou ik met deze publicatie mijn dank
willen uitspreken aan de fokkers, die tijd en moeite er voor namen om
mijn vragen te beantwoorden en me van stambomen te voorzien teneinde me
bij deze pogingen bij te staan. De andere fokkers, die het niet voor
elkaar kregen me hun bijzonderheden toe te sturen dank ik voor hun
mondelinge adviezen.
Laten we hopen, dat dit gesprek met betrekking tot Juvenile Cellulitis
op een andere manier wordt voortgezet, zodat het de dierenartsen zal
aanzetten tot een echt onderzoek van deze verschrikkelijke ziekte en
zodat zij een behandeling met medicijnen zullen ontwikkelen, die
algemeen erkend wordt.
Uit de Nutshell, nr 82 Roy Pearson |