|
Voor u gelezen..... Nieuwsbrief 86 Kynologen Vakbond
Nederland
CERTIFICERING VAN FOKKERS DREIGT TE MISLUKKEN
De certificering van fokkers die het "Honden en Katten
besluit" op termijn zou moeten vervangen, dreigt te mislukken. De
redenen zijn de hoge kosten, het gebrek aan creativiteit en het geruzie
tussen de belanghebbende partijen. Met het huidige systeem kan alleen de
professionele sector de kosten dragen die vastzitten aan het
certificeren. Deze professionele fokkers zijn vaak pensions en fokkers
met tientallen nesten per jaar. Voor de hobbymatige fokkers is
certificering financieel niet haalbaar. Dit is niet zonder gevolgen
omdat de meeste honden in Nederland gefokt worden door hobbymatige
fokkers. Het is nu derhalve, op financiële gronden, niet voor alle
bonafide fokkers mogelijk zich middels certificering te onderscheiden
van "slechtere fokkers" of "broodfokkers" wat tot gevolg heeft dat ze
ook niet allemaal als bonafide herkend zullen worden door de toekomstige
puppykopers. Een grote tegenslag en een gemiste kans voor de Nederlandse
kynologie.
Te duur
Het
bedrijfsleven kan niet meer zonder certificeringen en daarvoor wordt
veel geld betaald. De hoge kosten bij bedrijfsmatige certificeringen
worden veroorzaakt door een gelaagd systeem dat onafhankelijkheid
garandeert. Een zogenaamd Certificerende Instelling (CI) doet de
certificering van een bedrijf. Deze CI doet controlebezoeken (zogenaamde
audits). De CI is verantwoording schuldig aan een zogenaamde Raad van
Accreditatie. Al deze instanties hebben mensen in dienst en kosten geld.
Zonder aanpassingen van het Nederlandse certificeringsysteem kost een
certificering, naar schatting, minimaal duizend euro per jaar.
Vanzelfsprekend is dit voor een doorsnee fokker niet op te brengen, dus
stelde het ministerie van Landbouw Natuur en Voedselkwaliteit (LNV) een
commissie van belanghebbenden in om het probleem op te lossen. De
commissie moest een betaalbaar systeem ontwikkelen voor zowel de
professionele als de hobbymatige hondenfokkerij. In de commissie zitten
onder andere vertegenwoordigers van het Dibevo, De Vereniging
Beroepsmatige Kennelhouders, en de Raad van Beheer, bijna allemaal
commercieel belanghebbenden met vaak tegenstrijdige belangen.
Wonderbaarlijk genoeg werden non-profit belangenorganisaties voor de
hobbymatige fokkers, die het overgrote deel van de honden in Nederland
voortbrengt, geweigerd. Ondanks deze opmerkelijke samenstelling van de
commissie hebben veel organisaties, waaronder de Kynologenvakbond
Nederland (KVN) achter de schermen meegewerkt indien hen raad werd
gevraagd. Dit vooral omdat een certificering zowel een dierlijk als
menselijk welzijnsbelang dient daar een certificering een mogelijkheid
biedt om de "slechte" en "goede" fokker te onderscheiden. Recent kwam de
commissie na anderhalf jaar "vergaderen" met een opmerkelijke conclusie.
Het Nederlandse certificeringssysteem is te duur.
Niet-duur en toch goed voor de kynologie
Niet alleen het gebrek aan creativiteit maar ook het geruzie tussen
partijen in de commissie via de media, was veel non-profit organisaties
een doorn in het oog. Vanwege het grote belang voor de Nederlandse
Kynologie, is de KVN certificeringexperts gaan verzoeken een betaalbaar
systeem voor de hondenfokkerij op te zetten. Bijzonder genoeg zaten er
niet van zulke certificeringexperts in de LNV commissie. De experts
hebben op verzoek van de KVN een model ontwikkeld dat simpel is en niet
meer kost dan 50 a 60 euro per jaar. Het is een al reeds bestaand
systeem dat wij allen kennen. Het is een soort APK systeem dat voor
auto's ontwikkeld is maar toegepast wordt op fokkers. Om
onafhankelijkheid te garanderen moet de certificering onder controle
staan van een ministerie zoals de LNV. Dit kost niet veel tijd en geld
want net als bij de APK hoeven slechts alleen een beheerder en auditor
(controleur) betaald te worden. De beheerder controleert de
binnengekomen administratie en database. De fokker vraagt de
certificering aan waarna er een auditor op bezoek komt. Deze auditor is
een onafhankelijk iemand die hiervoor een opleiding heeft gehad en per
audit (certificeringbezoek) betaald krijgt. Er wordt gewerkt met een
checklist per diersoort die eventueel nog weer onderverdeeld kan worden
in sublijsten (bijvoorbeeld per rasgroep). Het gaat hier om het
daadwerkelijk vastleggen van omstandigheden waaronder de dieren gefokt
en gehouden worden en de controle daarop. De bevindingen van de auditor
worden zo mogelijk direct (beveiligd) digitaal verstuurd naar de
administratie en leiden tot het toezenden van het certificaat. Bij een
te grote afwijking kan de fokker besluiten tot het aanvragen van een
herkeuring. De audits worden jaarlijks herhaald. Als mensen een pup
willen aanschaffen moet via een openbaar toegankelijke site te zien zijn
of de fokker is gecertificeerd of niet. Door de openbaar
toegankelijkheid zal de markt zelf gaan vragen om gecertificeerde
fokkers.
Iets is beter dan niets
Alle details van het voorgestelde systeem kunnen natuurlijk niet in een
kort artikel worden samengevat. Het systeem is niet alleen eenvoudig
maar ook flexibel omdat de checklist van de auditor kan worden
uitgebreid bij nieuwe inzichten. Ook is het systeem toepasbaar op andere
diersoorten. Het meest belangrijke is natuurlijk dat het systeem voor
eigenlijk alle bonafide fokkers betaalbaar is en daarmee hen een
mogelijkheid biedt om zich te onderscheiden van de "slechte fokkers". Nu
maar wachten of het LNV de commissie van belanghebbenden laat
"uitvergaderen" of dat in deze tijd waarin dierenwelzijn hoog op de
politiek agenda staat de LNV open staat voor vernieuwing. Iets is in
ieder geval beter dan niets als het gaat om dierenwelzijn.
Peter van der Sluis en Paul de Vos namens de Kynologen
Vakbond Nederland

|