|
De Federatie van Rasverenigingen: een vliegende start
met hopelijk een behouden landing in 2009

Begin maart 2008 kwamen we voor het eerst bij elkaar. We waren op die
eerste bijeenkomst met zo’n twaalf stichtingen, rasverenigingen,
vriendenkringen etc. en hadden nog geen idee dat dit aantal in
korte tijd zou verdubbelen. Iedereen had zijn eigen verhaal om niet bij
een erkende rasvereniging aangesloten te willen zijn. We werden het snel
eens dat de Federatie slechts één doel zou kennen:
de Raad van Beheer ertoe te bewegen meer verenigingen
per ras te erkennen.
Dit was snel geformuleerd, maar de wegen om onze doelstelling te
bereiken waren lastiger. Het eerste probleem was dat we niet
georganiseerd waren. Dat maakte ons ook onzichtbaar. Er was geen
platforum waarop we gezamenlijk naar buiten konden treden. Dit probleem
werd opgelost door het maken van een eigen website, waarbij elke
vereniging die niet was
erkend door de Raad van Beheer werd uitgenodigd zich bij de Federatie
aan te sluiten. Toen de website eenmaal online was, traden in korte tijd
meerdere verenigingen toe. Om een en ander ook werkbaar te houden, werd
besloten een werkgroep te formeren die zou bestaan uit vijf leden. De
werkgroep zou alle stappen voorbereiden en terugkoppelen naar de leden.
De eerste stappen waren erop gericht een ingang te vinden waarmee we
onze doelstelling zouden kunnen realiseren. In gesprekken met anderen
werd ons op de mogelijkheid van de NMA gewezen. In Nederland moeten
organisaties voldoen aan de eisen die in de mededingingswet worden
gesteld. Het viel ons onmiddellijk op dat de Raad hieraan niet voldeed.
De Raad van Beheer had inmiddels een commissie samengesteld die de
Kansen en Bedreigingen van de NAK (dat is de niet door de Raad erkende
kynologie) moest onderzoeken. De invalshoek die de commissie koos, is
exemplarisch voor de wijze waarop
de Raad opereert. Men vroeg uitsluitend aan de erkende rasverenigingen
wat de oorzaak voor het ontstaan van niet aangesloten kynologie zou
kunnen zijn. De erkende rasverenigingen moesten een schatting maken van
het aantal leden van de
NAK. Met verbazing hebben wij de conceptnota van de commissie en de
daarop volgende notitie “Ging het maar om de hond” gelezen.
Zonder ooit met een lid van de NAK gesproken te hebben, werden
conclusies getrokken:
– de voornaamste aanwijsbare – redenen zijn onenigheid binnen de
vereniging, overregulering en miscommunicatie of relatie problemen. De
emoties spelen vaker een rol dan zakelijke aspecten of de hond zelf.
Op zijn minst zou de Raad van Beheer hoor- en wederhoor moeten toepassen
voordat conclusies worden getrokken in een notitie voor de leden. Onze
conclusie is dan ook dat er over de NAK wordt gesproken en niet met de
NAK. Vervolgens wordt een plan van aanpak voorgesteld waarmee heel veel
geld en energie is gemoeid. De conclusie is dat de erkende
rasverenigingen zich moeten onderscheiden van de NAK. Enorme bedragen
moeten worden gereserveerd voor uitgebreide publiciteitscampagnes. Geld
dat de erkende rasverenigingen vanzelfsprekend moeten ophoesten.
Verder is het toverwoord ..... samenwerking! Waar samenwerking de
afgelopen twintig of dertig jaar op een fiasco is uitgelopen, zou dat nu
ineens moeten lukken. Het tweede toverwoord? Mediators! Professionele
hulpverleners moeten gaan masseren.
De rasverenigingen vinden het een prima idee, zolang ze de mediators
maar niet zelf hoeven te betalen. Het idee is de afvallige schaapjes
weer in de moederkring terug te halen. Ik wil niemand illusies ontnemen,
maar persoonlijk vind ik het weggegooid geld dat veel beter aan een
ander doel besteed kan worden.
De erkende rasverenigingen zijn tegen tweede of derde rasverenigingen.
Dat spreekt vanzelf. Het is alsof je aan een kalkoen vraagt of Kerstmis
afgeschaft moet worden. Maar tweede rasverenigingen bestaan, of de
erkende verenigingen dat nu leuk vinden of niet! De trend van meer
verenigingen per ras is niet meer te stoppen. Meerdere verenigingen
binnen hetzelfde ras kunnen elkaar inspireren, motiveren en optillen
naar een hoger niveau als ze gelijkwaardig aan elkaar zijn, dus erkend
door de Raad van Beheer. Op deze manier is nog nooit door de erkende
kynologie naar dit onderwerp gekeken. Men moet de uitdaging aangaan, in
plaats van star vast te houden aan de verworven monopolieposities. Het
argument is dat men versnippering vreest. De werkelijke reden is angst
voor gezonde concurrentie waarbij aan mondige, moderne burgers een keus
wordt geboden. Een keus voor de consument bij welke vereniging men zich
het best thuis voelt.
De 25 bij de Federatie aangesloten rasverenigingen hebben eerst
geprobeerd met de Raad van Beheer in gesprek te komen. Toen dat
onmogelijk bleek, is begin september 2008 een klacht ingediend bij de
Nederlandse Mededingingsautoriteit, de NMa, wegens overtreding van de
mededingingswet. Want alle mediators ten spijt, ook de Raad van Beheer
moet zich aan de wet houden. In de klacht werd uiteengezet dat de Raad
in strijd handelt met nationale en Europese wet- en regelgeving door
monopolieposities en kartelvorming te bevorderen. Dit beleid benadeelt
verenigingen en fokkers die toelating en erkenning wensen, aan dezelfde
eisen voldoen, maar geweigerd worden met als enige argument dat er al
een vereniging is erkend voor het ras. Maar dat is niet alles. Alle
beslissingen op kynologisch gebied worden genomen door de
brancheorganisatie Raad van Beheer. De leden van de Federatie mogen geen
gebruik maken van keurmeesters van de Raad en er wordt hen tal van
andere faciliteiten onthouden. Zij moeten ook veel meer betalen voor hun
nestaangiften. De voorbeelden zijn overduidelijk en talrijk. Er volgde
een spannende tijd voor de Federatie, want de NMA neemt lang niet alle
klachten in behandeling. Onze leden moesten veel gegevens ophoesten om
een aanmerkelijk belang aan te tonen.
Eind december 2008 kwam de doorbraak. De NMA had de klacht van de
Federatie in behandeling genomen. Dat betekent dat de NMa zal
onderzoeken of de Raad van Beheer de bepalingen van de mededingingswet
schendt. Het is niet van belang of de erkende rasverenigingen het daar
mee eens zijn of niet. Een aantal leden van de werkgroep van de
Federatie werd opgeroepen op een hoorzitting te verschijnen. Deze
hoorzitting heeft begin januari met vertegenwoordigers van de NMA
plaatsgevonden. Later deze maand zou ook de Raad worden gehoord.
De Raad van Beheer zal mee moeten gaan met de moderne tijd. Het stof van
1902 en de daarbij behorende mentaliteit zal men van zich af moeten
schudden. Moderne mensen zijn assertief, zij laten zich niet meer de wet
voorschrijven en willen vrij zijn in hun keuzes. Ook vrij in de keus bij
welke rasvereniging zij zich willen aansluiten. Het toestaan van
meerdere verenigingen per ras past bij een moderne Raad van Beheer anno
2009. Kwaliteit zal blijven en niet of slecht functionerende
verenigingen zullen verdwijnen. Ik ben benieuwd hoe 2009 voor de
Federatie zal verlopen. We hopen op een spoedige uitspraak.
Namens alle leden van de Federatie van Rasverenigingen Nederland wens ik
iedereen een heel goed 2009.
Marianne Eggink
|