|
LEVENSLANG
Het volgende lazen we in het blad van de Nederlandse Vereniging van
Saarlooswolfhonden: geschreven door Kay White (De bevruchting geboorte
en voeding van honden, helaas uitverkocht) in de Dog World en vertaald
door H.M. Barkman-v.d. Weel. Velen van ons zullen er iets in herkennen!
Mannen van foksters, geloof me, als u dit gelezen heeft, kijkt u
voortaan heel anders naar uw vrouw! Is uw vrouw nog geen fokster, lees
het dan aandachtig drie keer door! Voor u is het nog niet te laat.

Mannen trouwen niet met hondenfoksters, ze trouwen met lieve,
onderdanige, attente vrouwen, die van plan zijn man en kinderen op de
eerste plaats te laten komen en misschien één of twee huishondjes te
gaan houden. Pas na het huwelijk begint de misère: Ze koopt een teefje
'voor de gezelligheid als jij weg bent, schat!', eens een nestje, één
pupje aanhouden, dan nog eens dan een dekreu, enzovoorts, tot het hele
huis en de tuin propvol met honden zitten en je geen voet meer kunt
verzetten zonder op een poot te trappen.
Andere mannen worden bewust gestrikt om zo’n twintig hongerige magen te
helpen vullen. Wij vrouwen weten heel goed, dat er maar weinig kennels
zijn die zichzelf kunnen bedruipen op het gebied van werk, onderhoud of
geld. We hebben een man nodig en de eenvoudigste manier is om daar een
fatsoenlijke echtgenoot van te maken en hem pas daarna te vertellen van
de plannetjes voor het getrippel van kleine voetjes (vier tegelijk)!
Sommige van die gekruiste bandjes op de bruidssluier zijn in
werkelijkheid vermomde showlijntjes en de voorzichtige bruid bewaart de
satijnen schoentjes voor het eerste nest om op te kauwen.
Er zijn vier soorten echtgenoten van foksters:
1. Vooruit dan maar
2. Enthousiast
3. Onbevangen
4. Met-een-ander-weggelopen
DE VOORUIT-DAN-MAARS
De vooruit-dan-maars hebben ongeïnteresseerde gezichten en zorgen wel,
dat ze nooit precies weten wat er gaande is. 'Natuurlijk mag je zaterdag
de hele dag de auto hebben, vooropgesteld dat je het eten kant en klaar
achterlaat, de was hebt gedaan en er thuis niets kan gebeuren. Waar zei
je, dat je heen ging met de hond? Wat, wou je hem laten beoordelen?!'
Dit type man is prima, als je maar één of twee honden hebt en de zaken
goed in de hand weet te houden.
DE ENTHOUSIASTEN
De enthousiasten zijn niet voor iedereen geschikt, zeker niet voor mij,
maar sommige vrouwen zijn er gek op. Er zijn heel wat man-vrouw
deelgenootschappen in de kynologie, waar beiden een even groot aandeel
hebben en beiden zeer bekend zijn in hondenkringen. Hun huiselijk leven
is vast iets ontzettends, als ze allebei keurmeester zijn! En van mijn
vriendinnen begon in haar eentje met het showen van een hond, tot haar
man er ook belangstelling voor kreeg. Nu zit zij elke zaterdag thuis,
terwijl hij er op uit is.
Vermoeide en boze mannen moet je onder alle omstandigheden voorzichtig
aanpakken, maar vermoeide en boze mannen, die hun CAC niet gekregen
hebben en die drie kwartier bezig zijn geweest om van een parkeerplaats
weg te komen! Ik zou liever de hele nacht buiten in de kennel zitten,
dan er zo één thuis te krijgen. Je bent de hele dag in touw geweest,
maar je kookt een verzachtend maal voor de maag die in de war is van de
geslikte vernedering en van de alcohol, je zet het hek open, zodat hij
erdoor kan rijden zonder je zelfs maar een blik te gunnen, je haalt de
honden uit de auto, duwt zijn leunstoel naar voren, schenkt hem een
glaasje in bij zachte muziek...
Is die 2 Uitmuntend dat nou allemaal waard? Als er iemand in mijn gezin
moet showen, zal het de vrouwelijke helft zijn. Wij vrouwen zijn zoveel
veerkrachtiger, als het om winnen of verliezen gaat. En dan de
echtgenoot die ringmeester is bij zijn keurende vrouw, dat is een zeer
riskante onderneming! Vaak staan honden en exposanten vergeten in de
ring, terwijl er in het verste hoekje even een sissende conversatie
wordt gehouden. Je kunt het niet verstaan, maar aan hun gezichten kun je
zien, dat ze elkaar wel kunnen vermoorden! Ik kan me geen vrouw
herinneren, die ooit ringmeester was voor haar man, dat zou zoiets zijn
als samen een heel zwaar meubel versjouwen, terwijl je al van te voren
weet dat, wát er ook gebeurt, het jouw schuld is.
Een man die wel iets van honden af weet en er meer van wil weten, kan
een verschrikking zijn op een tentoonstelling, vooral als hij daar maar
af en toe komt, bij wijze van grote gunst of voornamelijk om te laten
zien dat je een man hebt, zoiets als een diamanten broche. Hebt u nooit
zo’n man gezien, druk bezig vijanden te maken en mensen, die zijn vrouw
het hele jaar zorgvuldig heeft gecultiveerd, kopschuw te maken? Hij
zegt: 'Van wie was die afgrijselijke hond, met die scheve kop? 0, heeft
die mevrouw hem gefokt? Haha, wat een beest! Wij hebben vroeger ook
weleens zoiets gehad, weet je nog schat?'
Hij zal het bezuren voor hij thuis is, je kunt aan haar gezicht zien,
dat zij hem voor elk aannemelijk bod zou overdoen, als ze de kans kreeg.
Een vreemde, die een hondenconversatie tussen man en vrouw afluisterde,
zou waarschijnlijk denken dat 'gek-die-je-bent' een koosnaampje was. Hij
prijst de verkeerde honden, trakteert de verkeerde mensen, is weg als ze
hem nodig heeft, schrijft de uitslagen verkeerd in de catalogus en
verdwaalt bij het naar huis gaan. Hij mag de volgende keer niet meer
mee!

ONBEVANGEN MAN
De onbevangen man is erg aardig. Ik heb er een. Zulke mannen weten iets
af van de Wetenschap en de Politiek van het showen. Ze weten alleen, dat
jij en je honden de beste zijn, ook al denkt de rest van de wereld daar
anders over.
Zij blijven thuis op zaterdag, geven de pups hun flesje, nemen de
telefoon aan en vertellen trots, dat ze helemaal alleen een pup verkocht
hebben. Ze vinden het zo fijn, dat je het echt akelig vindt om te
zeggen, dat die pup al verkocht was.
MANNEN-DIE-ER-VANDOOR-ZIJN-GEGAAN
We gaan over tot de mannen-die-er-vandaar-zijn-gegaan. Och, kun je ze
dat eigenlijk wel kwalijk nemen? Bij anderen is het eten op tijd klaar,
is het huis altijd netjes en kun je allebei je pantoffels vinden. Honden
worden zo gauw een alles overheersende hobby en een verhaal van een
andere fokster over dat moeilijk ter wereld gekomen nest is vaak veel
fascinerender dan wat de directeur zei op kantoor. De gezellige omgang
gaat bergaf, omdat zijn vrienden over niet anders dan stambomen en
tentoonstelling horen praten en tegen elf uur in hun stoel in slaap
vallen. De vrouwen van zijn vrienden dragen zwarte japonnen en denken,
dat het hebben van krullend haar en dunne botten eerder een voordeel dan
een ongewenste eigenschap is voor een wezen van het vrouwelijk geslacht.
Jij kunt niet uit, vanwege de pups en je kunt geen bezoek hebben omdat
je doodop bent en nooit op tijd klaar. Zo drijf je snel uit elkaar en er
komt een moment, dat jij al je ellende toevertrouwt aan de oplettend
luisterende honden, omdat hij zich een nieuw 'teef' heeft aangeschaft,
om het zo maar eens te zeggen.
HIJ IS TIEN BOUWVAKKERS WAARD
Een man is handig om rond de kennel te hebben. De doorsnee klusjesman,
die ter plaatse is met hamer en spijkers en een stukje ijzerdraad is
tien bouwvakkers waard, die volgende week wel een keer zullen komen. En
hij mag dan niets snappen van de fijne trekjes van de hondensport, hij
kan toch in ieder geval hun vlees snijden. Het is ook nuttig als excuus!
'Ik zal het mijn man vragen', is de geijkte term als we niet ronduit
durven weigeren. 'Mijn man vindt het niet goed' betekent vrij vertaald
'Ik heb er geen zin in, maar wil dat niet ronduit tegen je zeggen, uit
angst dat je me dat kwalijk neemt'. 'Ik mag niet méér honden van hem
kopen of houden, niet méér shows keuren'. Wat een bazige man lijkt hij
zo en wat is hij nuttig om de schuld op af te wentelen! Je ziet een
eindeloos voetgestamp voor je, hoort hem zeggen waar het op staat, ja je
hoort zelfs een zwak zweepgeknal! Niemand van ons gelooft in de
dominerende echtgenoot thuis, maar je op hem beroepen is een sociaal
aanvaard voorwendsel geworden.
BEHANDEL-JE-MAN-BETER-CAMPAGNE
Eén van de beste redenen voor een 'behandel-je-man-beter'-campagne is,
dat ze persoonlijke leningen (renteloos) geven met meer sympathie dan
een bankdirecteur. Alle kennels hebben het wel eens moeilijk, als de
slagersrekening tegenvalt en je het geld in kleine stroompjes onder het
hek ziet weglopen. Ik herinner me een Kerstmorgen. Er lagen geen
opwindende pakjes voor mij onder de boom, niets bontachtigs of iets met
een lekker luchtje, alleen maar een enveloppe met een cheque van honderd
pond, waarop stond 'Voor je honden'. Zo’n bedrag betekent in ons gezin
genoeg om me de hele ochtend te laten janken van dankbaarheid, dat hij
weet, dat ik meer om mijn honden geef dan om alle geurtjes van de hele
wereld. Die gebeurtenis probeer ik me steeds weer voor te houden, als
hij me de rest van het jaar tot wanhoop brengt. Voor zoveel begrip moet
je wat terugdoen, bijvoorbeeld de pups naar buiten brengen voor hij
thuiskomt, op vakantie gaan zonder elke tien minuten te vragen hoe de
honden het zouden maken, hoewel je ze de hele nacht op 500 kilometer
afstand kan horen janken. Je moet je voor ogen blijven houden, dat je
honden heus wel een tijdje verzorgd kunnen worden door andere mensen,
maar dat echtgenoten niet zo gehard zijn. Laten we dus het komende jaar
een heel stuk aardiger zijn tegen onze mannen, al bewegen ze zich dan
misschien slecht, zijn ze slap in de achterhand en wijd van voren,
terwijl zelfs hun temperament niet je-dat is. Toen u hem nam, hebt u
toch ook niet gezegd, dat u hem alleen als huisdier wilde hebben?
|